Tijdens de raadsvergadering van maandag 7 februari jl. kwam de raadsfractie van SvKB met een wel heel bijzondere motie. Een motie waarin het college van B&W werd opgeroepen om een notitie op te stellen waarin wordt uitgelegd wat onder beleid en uitvoering wordt verstaan. Kort gezegd: “College, geef aan wanneer iets nu beleid en wanneer iets nu uitvoering is.” Naar mijn mening gaf deze motie van SvKB wel heel erg blijk van een simplistische voorstelling van een complexe bestuurlijke werkelijkheid. Niettemin kan ik wel enig begrip op brengen voor de gedachte die erachter schuilt.
Met de invoering van het dualisme in 2002 zijn de taken en bevoegdheden van het college van B&W en de gemeenteraad ontvlochten en scherper afgebakend. In het verleden bestond de mogelijkheid dat een wethouder tevens gemeenteraadslid was. Nu is die vermenging van functies echter bij wet uitgesloten. Wethouders zitten alleen nog in het college van B&W en gemeenteraadsleden alleen nog in de gemeenteraad. Beiden bestuursorganen hebben hun eigen taken en bevoegdheden en mogen zich niet op elkaars terrein begeven. De gemeenteraad maakt beleid op hoofdlijnen en controleert het college van B&W. Op zijn beurt houdt het college van B&W zich bezig met de uitvoering van het beleid zoals dat is vastgesteld door de gemeenteraad. In de praktijk is de scheidslijn tussen beleid en de uitvoering daarvan echter niet altijd even helder. Dat leidt dan vaak weer tot ‘botsingen’ tussen de gemeenteraad en het college van B&W over wie er bij een bepaald onderwerp nu eigenlijk wat over te zeggen heeft.
Het paradoxale is dat een gemeenteraadslid door de inwoners van zijn gemeente in de meeste gevallen wordt aangesproken op die zaken waar hij eigenlijk de minst directe invloed op kan uitoefenen. Als er een stoeptegel los ligt of wanneer er een gat in het wegdek zit heeft een gemeenteraadslid niet de bevoegdheid om daar iemand van de gemeente op af te sturen om dit te herstellen. Dat is nu bij uitstek een voorbeeld van een bevoegdheid en taak die op grond van de wet bij het college van B&W thuishoort en waar een gemeenteraadslid zich niet mee mag en niet mee moet willen bemoeien. Hij kan hoogstens bij de verantwoordelijk wethouder aangeven dat hij van een inwoner heeft gehoord van een loszittende stoeptegel of een gat in het wegdek en dat hij hoopt dat dit probleem snel wordt opgelost. Zijn bevoegdheid daartoe verschilt echter niet van die van iedere andere inwoner van onze gemeente.
Betekent dit dat de gemeenteraad dan eigenlijk alleen maar als een soort doorgeefluik fungeert voor het college van B&W? Nee, dat zeker niet. De gemeenteraad stelt bijvoorbeeld het budget en kwaliteitsnormen voor het wegenonderhoud vast en controleert of het college van B&W daaraan voldoet. De gemeenteraad kan het college van B&W vragen stellen over het door hem geformuleerde beleid en datgene wat hij in de praktijk constateert (“Ik krijg veel klachten over loszittende stoeptegels, hoe strookt dat met ons beleid dat onze stoepen aan kwaliteitsnorm X moeten voldoen?”). Vervolgens kan de gemeenteraad beslissen om het budget te verruimen, de kwaliteitsnorm te verhogen, of alles zo te laten als het is. Dat laatste met het risico dat er nog meer klachten over loszittende stoeptegels komen, maar dat is nu eenmaal de politieke keuze die dan gemaakt is.
Het probleem is dat de economische crisis ons dwingt tot drastische bezuinigingen. Het college van B&W heeft van de gemeenteraad de opdracht meegekregen om in alle hoeken en gaten geld te vinden en de broekriem aan te halen zonder dat de lokale belastingen voor onze inwoners significant stijgen. Tegelijkertijd is er in de gemeenteraad een kerntakendiscussie op handen waarin duidelijke keuzes gemaakt moeten worden ten aanzien van de taken die door de gemeente uitgevoerd worden. Het zal er in de praktijk op neerkomen dat bepaalde voorzieningen die eerst door de gemeente gefinancierd werden nu door de inwoners zelf opgebracht moeten worden. Simpelweg omdat de gemeenteraad dit niet meer als taak van de gemeente ziet. Dat zal bij een hoop inwoners, verenigingen en andere organisaties pijn gaan doen want dat betekent dat zij dit nu uit eigen portemonnee moeten gaan betalen of dat de voorziening losgelaten moet worden.
Die kerntakendiscussie zit er aan te komen (wat betreft de VVD-fractie veel te laat) en het college van B&W is al wat eerste piketpaaltjes aan het slaan. Dat moet ook wel want de bezuinigingsopdracht is reeds gegeven en de gemeentelijke financiĆ«n staan niet stil. De ‘bezuinigingspijn’ begint langzaam door te sijpelen in onze samenleving en het zijn logischerwijs de gemeenteraadsleden die daarop door de inwoners worden aangesproken. Die gemeenteraadsleden willen vervolgens weer meer invloed op wat het college van B&W doet. Al is het alleen maar om de verhitte gemoederen in de samenleving wat te bedaren. Het college van B&W voelt zich op zijn beurt echter door de gemeenteraad aangetast in zijn taken en bevoegdheden en zo kom je dan met elkaar in de discussie over wat nu beleid en wat nu uitvoering is.
Is dat nu een zinvolle discussie? Ik vind van niet, want zoals ik al aangaf is de scheidslijn tussen beleid en de uitvoering daarvan in de praktijk niet altijd even helder. Het zou mooi zijn als wij in een bestuurlijke omgeving opereerden waarin alles zwart-wit is verdeeld, dat schept tenminste wel helderheid. De ervaring leert echter dat het meer een uitgebreid palet van grijstinten betreft (ik doel hiermee niet op de haarkleur van sommigen van mijn mederaadsleden…) waarin het onderscheid tussen de bevoegdheid van de gemeenteraad en het college van B&W gewoon niet is te maken. Laat staan dat zoiets in een notitie kan worden gevangen. Zie maar eens bruikbare criteria te formuleren voor het onderscheid tussen (toekomstig) beleid en de uitvoering daarvan. En dan nog een gemeenteraad en college van B&W die zich daar ook strikt aan houden…
Nee, het is de taak en de bevoegdheid van de gemeenteraad om de hoofdlijnen uit te zetten. En dat is dan ook wat de gemeenteraad moet doen. Zo snel mogelijk. Zo snel mogelijk die kerntakendiscussie met elkaar voeren, het debat met elkaar aangaan en harde keuzes maken. En vervolgens het college van B&W aan het werk zetten om die moeilijke keuzes te implementeren. Op die manier krijgt het college van B&W niet eens de kans om zich op het terrein van de gemeenteraad te begeven. En helaas, de keuzes die de gemeenteraad moet gaan maken zullen niet altijd goed vallen bij de inwoners. Vooral niet als daardoor voorzieningen wegvallen die voorheen door de gemeente in stand werden gehouden. Maar ook dat is besturen, en het is zowel de taak van het college van B&W als van de gemeenteraad om dat aan onze inwoners uit te leggen, daar is geen notitie voor nodig. Onze bestuurlijke omgeving is niet zwart-wit, maar we moeten haar zeker niet door een roze bril gaan bekijken!